Verbod op nevenwerkzaamheden nog maar beperkt toegestaan

Bijgewerkt op: 13 jul.

Op 1 augustus 2022 treedt de Wet transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden in werking. In een aantal blogs bespreken wij de belangrijkste wijzigingen. In deze blog komen de nieuwe regels voor het verbieden van nevenwerkzaamheden aan bod.


Nevenwerkzaamhedenverbod


Het is goed gebruik dat in een arbeidsovereenkomst een nevenwerkzaamhedenverbod wordt overeengekomen: het is de werknemer tijdens het dienstverband niet toegestaan om – al dan niet tegen betaling – werkzaamheden te verrichten voor een andere partij, tenzij de werknemer hiervoor de uitdrukkelijk schriftelijke toestemming heeft verkregen. In de wet is nu niet bepaald aan wat voor voorwaarden een dergelijk beding moet voldoen. Dat gaat veranderen per 1 augustus 2022.


Nieuw wetsartikel


Op 1 augustus 2022 wordt een nieuw artikel van kracht: artikel 7:653a BW. Dit artikel bepaalt dat een beding waarbij de werkgever verbiedt of beperkt dat de werknemer voor anderen arbeid verricht buiten de tijdstippen waarop de arbeid moet worden verricht bij de werkgever, nietig is tenzij dit beding kan worden gerechtvaardigd op grond van een objectieve reden.


Objectieve rechtvaardigingsgrond vereist


De objectieve rechtvaardigingsgrond hoeft niet in de arbeidsovereenkomst zelf te worden opgenomen. Wel zal de werkgever een dergelijke grond moeten kunnen aantonen op het moment dat hij een beroep op het nevenwerkzaamhedenbeding doet. De toelichting op de wet bevat een aantal (niet limitatieve) voorbeelden van rechtvaardigingsgronden:

· Gezondheid en veiligheid;

· Bescherming van vertrouwelijkheid en bedrijfsinformatie;

· Integriteit van overheidsdiensten;

· Vermijden van belangenconflicten;


Maar wanneer nu exact sprake is van een objectieve rechtvaardigingsgrond, dat is niet duidelijk. Het wordt aan de praktijk – en uiteindelijk dus aan de rechtspraak – overgelaten om hieraan invulling te geven.


Direct van toepassing, ook op reeds overeengekomen nevenwerkzaamhedenbedingen


De nieuwe wettelijke bepaling wordt per 1 augustus 2022 direct van toepassing, ook op arbeidsovereenkomsten die voor deze datum zijn gesloten en waarin reeds een nevenwerkzaamhedenverbod is overeengekomen. Dergelijke voor 1 augustus 2022 overeengekomen nevenwerkzaamhedenbedingen blijven zoals het er nu naar uitziet geldig. In de toelichting op de wet is hierover namelijk expliciet opgenomen dat bestaande bedingen waarin de objectieve rechtvaardiging niet is opgenomen in stand kunnen blijven bij inwerkingtreding van de wet. De werkgever zal voor een beroep op het beding vanaf 1 augustus 2022 echter wel een objectieve rechtvaardigingsgrond moeten hebben. Heeft de werkgever die niet, dan heeft dit tot gevolg dat het nevenwerkzaamhedenverbod nietig is. De werkgever zal er dan dus geen beroep meer op kunnen doen.


Nieuw nevenwerkzaamhedenbeding opnemen in de arbeidsovereenkomst?


Aangezien het niet noodzakelijk is om de rechtvaardigingsgrond in het nevenwerkzaamhedenbeding zelf op te nemen, lijkt er niet direct noodzaak te bestaan om een reeds overeengekomen nevenwerkzaamhedenverbod te wijzigen. Wel adviseren wij om de huidige bewoordingen van een nevenwerkzaamhedenbeding in de standaard arbeidsovereenkomst eens kritisch te bekijken. En waar nodig meer in lijn te brengen met de nieuwe wettelijke bepaling. Daarbij kan gedacht worden aan een bepaling luidende dat wanneer de werknemer nevenwerkzaamheden wenst te gaan verrichten, hij/zij daarvoor voorafgaande schriftelijke toestemming dient te hebben van de werkgever. Waarbij de werkgever deze toestemming alleen zal kunnen onthouden wanneer hij daarvoor een objectieve rechtvaardigingsgrond heeft.


Verder adviseren wij werkgevers in de meeste gevallen om de betreffende rechtvaardigingsgrond niet in het nevenwerkzaamhedenbeding zelf op te nemen. Het gaat erom dat de werkgever op het moment dat hij een beroep doet op het nevenwerkzaamhedenverbod kan aantonen dat hij hiervoor een rechtvaardigingsgrond heeft. Wanneer dit inmiddels een andere rechtvaardigingsgrond is dan de grond die is opgenomen in het nevenwerkzaamhedenbeding, bestaat het risico dat het beding nietig wordt geacht nu geen sprake (meer) is van de in het beding zelf genoemde rechtvaardigingsgrond. Als een werkgever toch graag de aanwezig zijnde objectieve rechtvaardigingsgrond wenst op te nemen in het nevenwerkzaamhedenbeding, adviseren wij om daarbij op te merken dat deze grond niet limitatief bedoeld is en er in de toekomst mogelijk nog andere objectieve rechtvaardigingsgronden kunnen zijn.


Sparck ondersteunt u graag bij al uw juridische vragen, neem contact met ons op en we helpen u verder.